Dagvlinders en libellen

Dagvlinders en libellen vormen twee groepen binnen de insecten, die vanwege hun grootte en bonte kleuren veel mensen aanspreken. In Nederland komen nu nog 53 soorten dagvlinders voor, terwijl dit er aan het begin van de 20e eeuw nog 70 waren. In totaal zijn voor Nederland 71 soorten libellen bekend waarvan 64 zich ook in ons land voortplanten.

Dagvlinders

Kleine ijsvogelvlinder, een kwetsbare soort van de Nederlandse Rode LijstHoewel nog een redelijk groot aantal dagvlindersoorten in Nederland voorkomt, kan niet worden gezegd dat het goed gaat met dagvlinders. Het overgrote deel van de soorten komt uitsluitend voor in natuurgebieden die aan de specifieke eisen van de soorten voldoen. Niet voor niets staan 30 van de 53 soorten op de Nederlandse Rode Lijst. Slechts 23 soorten zijn niet bedreigd en kunnen op veel plaatsen in ons land worden aangetroffen.

De verschillende in ons land voorkomende dagvlindersoorten stellen sterk uiteenlopende eisen aan hun leefgebied. In de eerste plaats dienen in het leefgebied waardplanten voor de rupsen en nectarplanten voor de volwassen vlinders aanwezig te zijn. Veel soorten komen voor in structuurrijke gebieden, met een gevarieerde vegetatie in zowel zeer open terreindelen, alsook meer begroeide oppervlakken. Er zijn echter ook soorten die uitsluitend leven in open bossen, of juist op zeer kale zandverstuivingen met hier een daar een grove den, welke op zeer warme dagen beschutting bieden.

Helaas gaat het met veel soorten momenteel niet goed in ons land. Versnippering, verzuring en verrijking van leefgebieden van met name kwetsbare soorten levert een bijdrage aan deze achteruitgang. Gelukkig wordt er door verschillende organisaties in diverse programma’s gewerkt aan het behoud van de soorten die nu nog in Nederland vliegen.

Libellen

Groene glazenmaker, eiafzet door deze strengbeschermde en bedreigde soort op de Rode Lijst-soort KrabbenscheerMet libellen gaat het in Nederland veel beter. Van de 71 waargenomen soorten staan er 27 op de Nederlandse Rode Lijst, waarvan er vier worden benoemd als verdwenen uit Nederland. Van deze vier soorten zijn echter recent weer waarnemingen gedaan in Nederland.

Hoewel de meeste mensen libellen uitsluitend kennen als vliegende insecten, speelt het leven van deze dieren zich voor het overgrote deel onder water af. Volwassen libellen leven vaak maar enkele weken, terwijl larven van enkele soorten tot wel 5 jaar als larf kunnen doorbrengen.

Doordat het leven van libellen zich zowel in het water als op het land afspeelt zijn beide deelbiotopen voor deze soortgroep van groot belang. Wanneer slechts één van beide deelbiotopen aan de eisen van een soort voldoet, zal deze er niet voorkomen. Mede hierdoor zijn libellen als indicatoren voor de kwaliteit van het landschap erg interessant. Niet alleen zeggen libellen iets over de kwaliteit van de omgeving, ook de waterkwaliteit kan aan het voorkomen van bepaalde soorten worden afgeleid.

Met veel soorten libellen gaat het goed in Nederland. De Rivierrombout is na jaren afwezigheid weer terug in ons land door de verbetering van de waterkwaliteit in de grote rivieren. Helaas zijn er ook enkele soorten die achteruit gaan, zoals de op Europese schaal zeldzame Groene glazenmaker. Met name de laatste jaren wordt deze soort steeds minder waargenomen.

Inventarisatie

Uitsluipende Rivierrombout, ondanks de vooruitgang een strengbeschermde soortDagvlinders en libellen zijn een groot deel van het jaar te vinden in een vaak wisselende soortensamenstelling. Al vroeg in het voorjaar kunnen de eerste soorten worden waargenomen, waarvan de Vuurjuffer, Citroenvlinder en het Oranjetipje de meest bekende voorbeelden zijn. Wanneer het voorjaar echt goed inzet, dan komen ook de als volwassen dieren overwinterende vlinders uit hun schuilplaats tevoorschijn. De echte zomersoorten en de najaarssoorten volgen later in het seizoen. Enkele libellensoorten vliegen nog tot ver in oktober, zoals enkele glazenmakers en heidelibellen.

Indien onderzoek wordt gedaan naar vlinders en libellen in het kader van een monitoringsprogramma, dan is het belangrijk dat telkens op dezelfde manier wordt geïnventariseerd. Daarnaast zijn veel veldbezoeken gedurende het gehele seizoen noodzakelijk om alle soorten mee te nemen. Wij hanteren hiervoor in grote lijnen de handleiding van De Vlinderstichting. In een plangebied worden daarvoor één of meer routes uitgezet die tussen half april en half september tweewekelijks gelopen worden, waarbij alle waargenomen exemplaren langs de route worden genoteerd.

Bij toetsingen van de Flora- en faunawet kan meestal volstaan worden met één enkel bezoek omdat aan de hand van de vegetatie en de inrichting van het gebied meestal al een inschatting kan worden gemaakt van de kans op het voorkomen van beschermde soorten. Alleen bij zeer grote of bijzondere gebieden zoals natuurgebieden kunnen meerdere bezoeken nodig zijn.

Toepassing en wetgeving

Veel dagvlindersoorten zijn zeer kritisch als het aankomt op de inrichting van het leefgebied. Juist hierdoor kunnen ze ons veel vertellen over de kwaliteit van het landschap. Daarom voert Koeman en Bijkerk bv regelmatig inventarisaties uit naar deze soortgroep. Uit de aanwezigheid van kritische vlindersoorten kan vaak worden afgeleid of het goed gaat met een gebied.

Libellen zijn net als dagvlinders belangrijke indicatoren. Het voorkomen van bepaalde libellensoorten kan iets zeggen over de waterkwaliteit in het gebied, maar omdat libellen ook op het land een voor hun eisen geschikt leefgebied nodig hebben levert met name aangetoonde voortplanting veel informatie op. Voortplanting geeft aan dat zowel het water als het land aan de wensen van een bepaalde soort voldoen. Ook libellen worden tijdens inventarisatiewerkzaamheden van Koeman en Bijkerk bv altijd in de soortenlijsten opgenomen.

Omdat meerdere dagvlinder- en libellensoorten een hoge beschermingsstatus genieten, zijn deze soortgroepen ook van belang bij toetsingen van de Flora- en faunawet. Wanneer er bijvoorbeeld een sloot wordt gedempt moet altijd worden gekeken of de waterpartij bijzondere soorten libellen herbergt. Wanneer er een beschermde soort wordt aangetroffen dient een ontheffing te worden aangevraagd, voordat met de ingreep kan worden begonnen.

Wat kan Koeman en Bijkerk voor u doen?

De medewerkers van Koeman en Bijkerk bv voeren regelmatig inventarisaties van dagvlinders en libellen uit . Naar aan-leiding van deze inventarisaties stellen we beheersadviezen op, waarmee de vlinder- en libellenstand een steuntje in de rug kan worden geboden. Ook wordt het voorkomen van deze soortgroepen altijd meegenomen tijdens toetsingen van de Flora- en faunawet (quickscans) die wij voor u kunnen uitvoeren. Mocht tijdens een dergelijke toetsing een strengbeschermde soort worden aangetroffen, dan kunnen wij u tevens begeleiden bij het vervolgtraject.

Projecten