Kwaliteitszorg

Deelname aan internationaal ringonderzoek voor fytoplanktonanalyse

Eind 2007 heeft het lab van Koeman en Bijkerk meegedaan aan een internationaal ringonderzoek voor fytoplanktonanalyse. In april 2008 ontvingen wij ons certificaat. In augustus 2008 verscheen het eindrapport. Ons lab heeft zonder meer een goed resultaat behaald. Inmiddels hebben wij ons weer opgegeven voor de volgende editie van dit ringonderzoek.

De ringonderzoeken worden georganiseerd door de Duitse Landestalsperrenverwaltung Sachsen, die hiervoor een aparte website heeft geopend. Aan het onderzoek van 2007 deden 64 laboratoria mee uit 11 hoofdzakelijk Europese landen. Het ringonderzoek bestond uit drie onderdelen:

  1. Een determinatie van fytoplankton in 20 videoclips
  2. Een abundantie- en biovolumebepaling van drie soorten latex bolletjes van verschillende grootte en dichtheid in een kunstmatig monster
  3. Een abundantie- en biovolumebepaling van fytoplankton in een natuurlijk monster

Het volledige rapport van het ringonderzoek 2007 kan worden gedownload op de website van het planktonforum. De resultaten van Koeman en Bijkerk zijn te vinden onder labnummer 39.


Bespreking van de resultaten van Koeman en Bijkerk

Op het onderdeel determineren behaalden wij 39 van de 40 punten.

Vooral het onderdeel biovolumebepaling was nuttig voor ons, omdat wij deze bepaling niet eerder in een ringonderzoek hadden kunnen laten toetsen. Voor de bepaling maken we gebruik van een zelf ontwikkeld programma Count Manager. Dit programma bevat specifieke formules voor een groot aantal algensoorten, waarmee het biovolume berekend wordt op grond van één te meten dimensie (meestal lengte of diameter). Van veel algensoorten zijn namelijk nooit alle dimensies door de microscoop te zien en te meten.

Ons resultaat van de abundantie- en biovolumebepaling aan het natuurlijke monster valt ruim binnen de toelaatbare afwijking. De herhaalbaarheid is goed (de bepalingen moesten in triplo worden uitgevoerd). Met onze abundantiebepaling zitten we 5% boven het gemiddelde (892 tegen 846 cellen per ml), met onze biovolumebepaling zitten we 16% boven het gemiddelde (1,85 tegen 1,59 mm3/l; gemiddelde berekend met weglating van de uitbijters).

Wat we van deze ringtest hebben geleerd is dat we het biovolume-aandeel van dinoflagellaten (i.c. Gymnodinium uberrimum) ten opzichte van anderen kunnen overschatten (63%) en dat van blauwalgen (i.c. Anabaena compacta) onderschatten (35%). Met ons biovolume-aandeel van kiezelalgen, groenalgen, oogflagellaten en cryptophyceeën zitten we op het gemiddelde. Met deze ervaring zullen we een aantal van onze biovolumeformules nog eens kritisch bekijken.